Heinkenszand
08-07-2011
De echte regen
viel pas na onze wedstrijd met bakken uit de hemel. Tot dat moment was er zoals
elk jaar weer sprake geweest van een heuse premieregen. De eerste 2 rondes leek
dat enigszins verlammend te werken. In ons peloton zat tot dan toe nauwelijks snelheid,
zodat de B’s die 1 minuut na ons waren gestart ons leken bij te gaan halen.
Vooraf waren juist nog een paar scenario’s door de speaker omgeroepen in het
geval wij de B’s zouden bijhalen, zodat niet dezelfde problemen zouden ontstaan
als in Kruiningen. Dat leek zich dus al snel tegen de jury te keren. Maar na
die eerste 2 rondes kwam er toch de snelheid en reden we verder weg van de B’s die
uiteindelijk hun wedstrijd bekort zagen worden met 2 rondes omdat de kopgroep
van onze wedstrijd bij hen achterop kwam. Totdat dat zover was werd in het
begin telkens en-groupe gesprint voor de premies en zal menig deelnemer wel iets
hebben gewonnen. Meteen nadat ik een eerste keer voor die premies had gereden,
was ik tot de conclusie gekomen dat het telkens meesprinten een te zware
belasting zou zijn omdat ik nu eenmaal niet de snelste ben, maar vooral omdat
in de lange finishstraat de wind een beetje vies van voren waaide waardoor het
telkens meesprinten een te zware belasting zou worden. De drang om mee te doen
werd een aantal ronden later nog kleiner omdat een trio aan de leiding kwam dat
snel een behoorlijke voorsprong kon pakken. Na de zoveelste premiesprint was
Teo Muis weggesprongen en hij kreeg snel gezelschap van Raphael Gabriëls en
Johan Pemen. Drie hardrijders van voren en (net als ik Kruiningen) wat
afstoppend werk van Jack de Klerk en mezelf zorgden ervoor dat de 3 snel een
dikke halve minuut voorsprong pakten. Met nog een ronde of 10 te rijden en een
tot 40 seconden voorsprong opgebouwde marge sprong ik weg aan de achterkant van
het parkoers. De koplopers leken immers definitief uit beeld en daarom kon ik
voor mijn eigen uitslag gaan koersen. Een andere de Klerk, Rudy, was met mij
meegegaan. Veel hulp had ik de daaropvolgende rondes echter niet van hem. Mondjesmaat
nam hij over op een naar mijn mening veel te kleine versnelling. Tsja, wie zegt
het ? Hoe dan ook, we wisten uit de greep van het peloton te blijven. Na een
ronde of 5 in de achtervolging maande ik de Klerk weer even over te nemen,
reactie bleef echter uit. Toen pas zag ik dat hij niet meer in mijn wiel zat.
Alleen verder dus. Bij de daaropvolgende finishpassage zag ik het rondenbord op
3 staan en dacht het wel uit te kunnen zingen tot het einde. De moed zonk me
echter bij de volgende passage in de schoenen toen het rondebord ineens (weer)
op 4 stond. Blijkbaar had telkens het aantal te rijden rondes voor de B’s op
het bord gestaan, waarbij ik dacht dat het voor onze categorie was. Ik
vervolgde mijn weg nog 2 rondes alleen. Net in de voorlaatste ronde aangekomen
hield ik mijn benen stil om me in te laten lopen door een groepje van 5 dat me
inmiddels dicht op de huid zat. Die groep van 5 bestond uit Riny van Zundert,
Willem Ruyzing, Matti de Baat, Jack de Klerk en Tiny van Rijsbergen. De sprint
voor de 4e plaats werd een ronde later gewonnen door van Zundert voor
Ruyzing, de Baat, mezelf en van Rijsbergen. Jack de Klerk werd 10e omdat
hij in de laatste ronde lek reed, voorbijgereden werd door van den Dries maar
nog net het voor het peloton uit kon blijven. Bij de koplopers die bij elkaar
gebleven waren wist Pemen dan tot zijn grote
opluchting eindelijk zijn eerste overwinning van het seizoen te boeken door in
de sprint Muis en Gabriëls achter zich te laten in deze zeer goed door
toeschouwers bezochte wedstrijd.

Alle gemaakte
foto’s zijn te zien via de link: Klik hier